Arbeidsdeskundig onderzoek

Een arbeidsdeskundige brengt de arbeidsmogelijkheden en inzetbaarheid van een arbeidsongeschikte medewerker in beeld. De arbeidsdeskundige kijkt en bepaalt of de medewerker op termijn kan terugkeren in het eigen werk of dat er gezocht dient te worden naar andere functies binnen of buiten de huidige organisatie (bij een andere werkgever).

De arbeidsdeskundige ontvangt informatie over de belastbaarheid van de werknemer middels een Functionele mogelijkheden lijst (FML) of een Inzetbaarheidsprofiel (IZP), die opgesteld is door de bedrijfsarts. Tijdens het onderzoek gaat de arbeidsdeskundige in gesprek met de medewerker, leidinggevende en of verzuimadviseur. Tijdens dit gesprek bespreekt de arbeidsdeskundige hoe de re-integratie is verlopen en brengt de belasting in de functie van werknemer in kaart. Vervolgens kan de arbeidsdeskundige aan de hand van alle informatie de weging uitvoeren tussen belasting en belastbaarheid.

Tijdens het onderzoek worden de volgende vragen beantwoord:

  • Kan de werknemer het eigen werk bij de eigen werkgever nog uitvoeren?
  • Zo nee, is het eigen werk met behulp van aanpassingen passend te maken?
  • Zo nee, is er ander passend werk beschikbaar bij de eigen werkgever? (Spoor 1).
  • Zo nee, is er aanleiding om de werknemer naar ander werk te begeleiden en is een vervolgtraject (spoor 2) gewenst?

Het arbeidsdeskundig rapport voldoet aan alle eisen die de Wet Verbetering Poortwachter stelt.